West- Afrika
|
|
|
|
|
|
|
|
Geografisch |
|
|
Ghana is een prachtig land in West-Afrika. West-Afrika beslaat ongeveer 12 procent van het continent Afrika. Het bestaat uit veertien landen. Het strekt zich uit van Senegal in het westen tot Kameroen in het oosten. Nigeria is het grootste land in West-Afrika, met meer dan 126 miljoen inwoners. In West-Afrika heersen het hele jaar hoge temperaturen. Aan de zuidkust kan het het hele jaar door regenen. Ooit was de hele regio bedekt met regenwoud, maar een groot deel heeft plaats moeten maken voor de landbouw. In het noordelijke deel van West Afrika is er een heel duidelijk regen- en droog seizoen. Het regenwoud gaat over in savanne. De grootste rivier van West Afrika is de Niger. Deze stroomt o.a. door Mali en Niger en komt tenslotte in Nigeria uit in de Golf van Guinee. De hoogste top van West Afrika vinden we in Kameroen. De levende vulkaan Kameroen heeft een top van 4070 meter. Omdat de vochtige lucht van de oceaan hier tegenaan stroomt, regent het er veel. Met zo’n 10.000 mm is het een van de natste plaatsen ter wereld. |
|
|
De stranden van West- Afrika zijn vaak erg mooi. In sommige landen, bijvoorbeeld in Gambia ontwikkelt het toerisme zich snel. |
|
|
|
|
Politiek |
|
|
De meeste landen in West-Afrika zijn nu republieken. Kolonisatie en militaire dictaturen speelden lange tijd een grote rol. In veel van deze landen hebben diverse staatsgrepen plaatsgevonden. Vaak ging dit met veel geweld gepaard. Nog steeds komt corruptie door regeringen veel voor, ‘vriendjespolitiek’ speelt helaas vaak nog een grote rol. |
|
|
|
|
Werkvoorziening en bronnen van inkomsten |
|
|
De veertien landen van West-Afrika behoren tot de zogenaamde ‘lage-inkomenslanden’. Veel mensen leven van de landbouw, zo’n 55 % van de bevolking. Veel boeren produceren echter nog voor een groot deel voor eigen gebruik: de opbrengst is net genoeg om hun gezin van te kunnen onderhouden. Handelsgewassen zijn cacao en koffie. |
|
|
|
|
|
In het zuiden van West - Afrika is het warm en vochtig, er heerst een tropisch klimaat. Belangrijke gewassen als bananen, cassave, cacao en koffie kunnen hier verbouwd worden. Meer naar het noorden gaat het tropische gebied over in savanne. Hier vinden we een duidelijk regen- en droog seizoen. Pinda’s, maïs en gierst worden hier veel verbouwd. Nog verder naar het noorden vinden we de overgang van savanne naar steppe. Op de steppe is het erg droog. Bomen kunnen er niet meer groeien, lage struiken nog wel. Ook hier is een regen- en droog seizoen. Het regenseizoen is echter korter dan op de savanne. Soms zelfs blijven de hevige regenbuien een jaar weg. Het verbouwen van gewassen is hier dan ook moeilijker. Het houden, fokken en hoeden van geiten en koeien is hier dan ook een belangrijke bron van inkomsten. |
|
|
|
|
|
Naast de landbouw vinden we in West-Afrika ook belangrijke delfstoffen. Zo vinden we in Nigeria en Kameroen olie, in Guinee bauxiet, ijzererts in Liberia en zelfs goud in Ghana. Het ontwikkelen van de industrie is echter nog kleinschalig: goede middelen om de stoffen te delven en te verwerken zijn op de meeste plaatsen nog erg schaars. |
|
| GHANA | ||
![]() |
Op de kaart |
|
|
Ghana is te vinden aan de kust van de Golf van Guinee omringd door Ivoorkust, Burkina Faso en Togo. Op de kaart is het Voltameer in Ghana direct een opvallend punt. Het is het grootste stuwmeer (8500 km²) van West Afrika en zelfs het grootste kunstmatige meer ter wéreld! Een enorme dam van 370 meter breed en 124 meter hoog zorgt dat sinds 1966 een grote hoeveelheid stroom opgewekt kan worden. Een gedeelte van de stroom kan zelfs verkocht worden aan de nabijgelegen landen. |
||
|
|
||
|
Het land |
||
|
Ghana is zo’n 238. 537 km² groot: qua oppervlakte dus 6,5 keer zo groot als Nederland. Er wonen ruwweg zo’n 20 miljoen mensen. Het land is verdeeld in 10 regio’s. Ongeveer 10 % van de mensen wonen in of rond Accra: de hoofdstad van Ghana. Andere grote steden zijn Kumasi, Tema en Cape Coast. Tamale is de grootste stad in het noorden. |
||
|
In het zuiden is het tropisch: het is er vochtig en warm, in het noorden vinden we de savanne. |
||
|
|
||
|
De kleding |
||
|
|
||
|
Hoewel ook in Ghana steeds meer westerse kleding te krijgen is, wordt de traditionele kleding het meest gedragen. De symboliek achter de kleding is nog steeds erg belangrijk: voor iedere ceremonie is er een ander kledingvoorschrift. Ghana is erg bekend geworden met de zogenaamde ‘Kente-cloth’. Dit is een stof geweven van veel felle kleuren als geel oranje, rood en groen. Diverse patronen zijn mogelijk en hebben elk een andere betekenis. In strips van enkele centimeters worden ze aan elkaar genaaid. Het is een kostbare stof en wordt met name bij feestelijkheden gedragen. Vroeger mochten alleen koningen en zeer welgestelden deze stof dragen. |
||
|
Met begrafenissen wordt veelal rode, donkerbruine of zwarte kleding gedragen. De meeste kleding is gemaakt van de ‘Adinkra’-stof: een katoenen doek met daarop symbolen gedrukt door middel van stempels. Er zijn zo’n tachtig verschillende symbolen: ieder met een eigen naam en betekenis. Vaak drukken ze een gezegde of een wijsheid uit. Een bekend symbool is ‘Gye Nyame’ (Zonder God is er niets). Ook zijn er symbolen van hoop, liefde en kracht. Deze symboliek vinden we niet alleen terug in de kleding maar wordt ook geschilderd op auto’s, boten, stoelen en andere gebruiksvoorwerpen. |
||
|
|
||
|
Geschiedenis van Ghana |
|
|
Eigenlijk begint de geschiedenis van Ghana al zo’n twaalf eeuwen terug, rond het jaar 700. Toen werd het oude Ghana gesticht in het gebied dat nu behoort tot Senegal en Mali. Dit koninkrijk had veel macht en was rijk: door de strategische ligging was het een belangrijk handelspunt. Vanuit het zuiden werden goederen als goud en ivoor aangevoerd, vanuit noordelijk Afrika kwamen producten als zout en dadels. Nomadenstammen als de ‘Tuaregs’ transporteerden de producten door de Sahara, vaak in grote karavanen. In de twaalfde eeuw vielen Islamitische groeperingen vanuit Marokko het koninkrijk binnen. Het oude Ghana raakte in verval en uiteindelijk mondde de strijd uit in de stichting van het huidige Mali. |
|
![]() |
|
|
Het goud en de handel |
|
|
In 1471 arriveerden de Portugezen tijdens hun handelsreizen in Ghana (dat Goudkust genoemd zou worden). Zij zagen dat veel stamhoofden geheel bekleed waren met gouden sieraden. Ook waren er veel gouden beeldjes die zelfs als betaalmiddel dienden. Ghana handelde in die tijd al veel met andere kustvolkeren. Dit wekte de interesse van de Portugese handelaren. Zij vestigden zich langs de kust om handel te drijven én om goud te vinden. Om de concurrentie van andere Europese landen de baas te blijven bouwden zij grote forten. |
|
|
In 1593 zeilde de Nederlandse kapitein Bernhardt Erickszoon naar de Goudkust. Hij kwam terug met een schip vol goud, ivoor en peper. Dit was het begin van een handelsrelatie van bijna drie eeuwen. |
|
|
|
|
|
De slavernij |
|
|
|
|
|
Veel Europese landen hadden in Midden en Zuid Amerika belangrijke kolonies veroverd. Echter, de oorspronkelijk inwoners (de Indianen) bleken niet sterk genoeg om de grote plantages te bewerken. Naast goud om de oorlogen (tussen o.a. Holland en Spanje-Portugal) te kunnen bekostigen werden er nu ook slaven uit Afrika gehaald. De Portugezen hadden namelijk gezien dat de Afrikanen erg sterk waren en zwaar lichamelijk werk verrichtten. |
|
|
Steeds meer Europese landen werden in de zeventiende eeuw aangetrokken tot het goud en de slaven van de Goudkust. Engelsen, Fransen, Zweden, Denen en Hollanders bouwden grote verdedigingswerken en beconcurreerden elkaar. De diverse slavenforten wisselden dan ook geregeld van eigenaar. |
|
|
|
|
|
|
|
|
De slavenhandel |
|
|
De Europeanen gingen zelden zelf landinwaarts: dat was veel te gevaarlijk. Zij kregen hulp van diverse slavenhandelaren. Dit waren mensen van de oorspronkelijke bevolking. Zij gingen het land in en ‘ontvoerden’ gehele dorpen. Kinderen, vrouwen en mannen gingen mee. De tocht naar kust, die te voet moest worden afgelegd, was erg zwaar. Een groot deel van de mensen overleed nog voor de forten waren bereikt. Daar werden ze door de handelaren aangeboden aan de Europeanen. In ruil voor vuurwapens, buskruit en Europese nijverheidsproducten werden de West-Afrikaanse slaven opgesloten in de Europeaanse handelsposten. Na dagenlange opsluiting in de kelders van deze forten gingen ze uiteindelijk per boot naar de plantages in Amerika. De opbrengsten daarvan (suiker, tabak, katoen en koffie) kwamen uiteindelijk in Europa weer op de markt. |
|
|
|
|
|
|
|
|
Het leven in de forten |
|
|
|
|
|
In de forten zaten de gevangenen opgesloten in donkere en benauwde ruimtes. Ze kregen net genoeg voedsel om te overleven: zo verzwakten ze en waren beter in toom te houden. Behoeften moesten ze doen in dezelfde ruimte. Af en toe werden ze gelucht op een binnenplaats. Mensen die in opstand kwamen werden geketend in de brandende zon gelegd, als voorbeeld voor de anderen. Anderen werden geplaatst in zogenaamde dodencellen, waar ze zonder eten en drinken hun dood afwachtten. Wanneer ze overleden waren moesten ze door medegevangen worden opgehaald: wederom diende dit als waarschuwing. Veel vrouwen werden verkracht door de officieren. Wanneer een vrouw zwanger raakte gebeurde het soms dat ze vrij werd gelaten. Vandaar dat langs de kust van Ghana hele families een lichtere huidskleur hebben. Ook kom je daar nog veel Nederlandse achternamen tegen. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
De boottocht naar Amerika |
|
|
Wanneer de boten klaar lagen om te
vertrekken, gingen de slaven via smalle gangen naar de achterkant van het
fort. Ontsnappen was niet mogelijk: de gang kwam rechtstreeks uit bij de
zee. Voordat het zover was werden de slaven eerst gebrandmerkt: in een oven
werd een stempel klaargemaakt met daarop de initialen van de officier die de
slaaf had gekocht. Zo zou later direct duidelijk zijn welke slaven wie
toebehoorde. |
![]() |
|
Jaarlijks werden er zo’n 10.000 slaven weggevoerd. 76 forten stonden langs de kust van Ghana, wat inhoudt dat er elke 6 kilometer één gebouwd was. |
|
|
De slavenhandel heeft eeuwenlang geduurd: vanaf eind 16e eeuw tot het begin van de 19e eeuw. Nederland schafte de slavernij pas af in 1818. De verkondiging van het christendom was een belangrijk remedie tegen de illegale slavernij. Nog steeds zijn veel forten belangrijke monumenten van Ghana. Sommige zijn musea geworden: St- George in Elmina en Cape Coast Castle zijn nu opengesteld voor publiek. Afro-Amerikanen zien deze plekken als bedevaartsplaatsen. Zij gaan daar op zoek naar hun ‘roots’. Christiansborg in Accra is nu het regeringscentrum, Crevecoeur (voormalig Nederlands fort) is nu de gevangenis van Accra. Ander forten zijn nu in gebruik als pension of vuurtoren. |
|
|
|
|
|
|
|
|
Kolonie van Groot-Brittannië |
|
|
Na vier mislukte pogingen om het Asante-koninkrijk (het midden en zuiden van Ghana) in te lijven, lukte het Groot-Britannië in 1900 om dit gebied te koloniseren. De koning van het Ashanti-volk werd gevangen genomen en via het fort in Elmina naar de Seychellen verbannen. De noordelijke gebieden waren al eerder ingelijfd en werden in 1902officieel toegevoegd aan de kolonie van Groot-Brittannië. |
|
|
|
|
|
|
|
|
Ghana onafhankelijk |
|
|
Op 6 maart 1957 wordt Ghana, als eerste van de West-Afrikaanse landen, onafhankelijk verklaard. Eerder was Kwame Nkruma al als premier gekozen van het land. Al jarenlang kwam hij in opstand tegen de kolonisatie en riep mensen op om te protesteren. Hij werd gevangen genomen door de Britten, maar zijn eigen partij ging door met protestacties. Hij en zijn partij waren erg populair onder de bevolking. Na de onafhankelijkheid kreeg zijn partij bij de verkiezingen tweederde van de stemmen. Echter, de onafhankelijkheid werd het begin van een economische crisis voor Ghana. |
|
|
Leiderschap en politiek in Ghana |
|
Kwame Nkrumah |
|
Nkrumah leende veel geld voor investeringen. Daarnaast werd ook het geld dat verkregen werd met de export van cacao gebruikt om zijn eigen ambitieuze plannen te financieren. Er ontstond corruptie in het ambtenarenstelsel. Zijn bewind werd dictatoriaal. Mensen konden zonder vorm van proces worden vastgezet. In 1964 werd de grondwet gewijzigd. Ghana werd een eenpartijstaat met Nkrumah als president voor het leven. Zijn imago bleef echter lange tijd dat van een held. Hij bleef strijden voor onafhankelijkheid van het hele Afrikaanse continent. Hij ging zich ook bemoeien met conflicten in andere Afrikaanse landen en maakte daarmee Ghana dé leidende natie van Afrika. |
|
Door verschillende oorzaken, waaronder zijn geloof in zijn eigen ‘goddelijkheid’ én de zorg voor de landen om hem heen en slechts in mindere mate voor Ghana zelf, werd hij in 1966 door een staatsgreep aan de kant gezet. Zijn partij werd verboden. Tussen 1966 en 1981 waren er zes verschillende regeringen aan de macht. Geen ervan bleek in staat om de economie te verbeteren, velen waren corrupt. De bevolking van Ghana had grote behoefte aan een leider met duidelijke kwaliteiten, één die het volk weer een gevoel van eigenwaarde kon geven. |
|
|
|
Jerry J. Rawlings |
|
In 1979, vlak voor de verkiezingen, werd er een militaire coupe gepleegd, onder leiding van Jerry Rawlings. Hij wordt gearresteerd en opgesloten. Hij wordt echter bevrijd door militaire kameraden. Hij belooft het volk dat hij en het leger het volk binnenkort een burgerregering zal geven. In de maanden erna worden onder zijn leiding veel corrupte politici, ambtenaren en legerofficieren veroordeeld tot lange gevangenisstraffen. Na algemene verkiezingen wordt een nieuwe president gekozen. Opnieuw steken echter corruptie en economische problemen de kop op. In 1981 neemt Rawlings voor de tweede keer de macht over. Hij regeert met straffe hand, internationale bedrijven worden overgenomen. Het westen bekijkt dit met grote argwaan, buitenlandse investeerders gaan Ghana mijden. De prijzen kelderen aanzienlijk, de economie daalt, de oogsten mislukken. In 1983 breekt een hongersnood uit. De republiek heeft het hard te verduren. |
|
|
|
Democratie |
|
In 1992 heeft de militaire dictatuur plaats gemaakt voor een parlementaire democratie. Dit gebeurde onder grote internationale politieke druk. Het Ghanese volk gaf aan een meerpartijenstelsel te willen. Zij stemden massaal voor een grondwetsvoorstel waarin de president belangrijke uitvoerende bevoegdheden heeft. Het parlement bestaat uit één kamer. |
|
Na ruim tien jaar als militair aan de macht geweest te zijn, ging Rawlings nu voor het democratische presidentschap. Hij won de verkiezingen, met zo’n 60 % van de stemmen. Vier jaar later kreeg hij opnieuw de meerderheid van stemmen en won de verkiezingen van zijn tegenstander J.A. Kufuor. Onder zijn leiding zijn de nodige verbeteringen aangebracht in het wegenstelsel, elektriciteits- en watervoorziening. Hij investeerde niet alleen in de grote steden maar juist ook in het platteland. Ook zorgde hij voor een belangrijk netwerk van leiders van verschillende etnische groeperingen. |
|
|
|
J.A. Kufuor |
|
Na de verkiezingen van 2000 komt J.A. Kufuor als president van Ghana aan de macht. In 2004 is hij herverkozen met 53.3% van de stemmen. Hij is erg populair bij de bevolking: de economie gaat vooruit en hij heeft vormen van corruptie duidelijk weten terug te dringen. Het land is nu, in tegenstelling tot een aantal buurlanden, politiek stabiel. Het volk is hier trots op, hun gevoel van eigenwaarde is terug! Het land ademt een rust en gastvrijheid uit die kenmerkend genoemd mag worden voor dit bijzondere West-Afrikaanse land! |
|
J.A. Kufuor |